Het is als een piep die ik niet hoort bij afleiding, een piep die continu aanwezig is.
Ik weet dat ik moet toegeven aan het geluid,
maar het is makkelijker om te doen alsof het er niet is.
Het is makkelijker om toe te geven aan de afleidingen die het leven bied.
Het is dan makkelijker om te doen alsof alles goed gaat.
Het is als een zoemende vlieg die steeds voorbij mijn oren vliegt.
Elke keer dat de vlieg voorbij komt, dan raak ik geïrriteerd.
De irritatie lijkt te gaan om de vlieg, maar eigenlijk gaat het om mij.
Eigenlijk irriteer ik me aan mezelf, omdat ik weer heb gekozen voor afleiding.
Doei vlieg.
Het is als de zon die op mijn schouders blijft branden.
Ik weet dat ik de schaduw moet opzoeken, omdat het resultaat van mijn koppigheid tot pijn leidt.
Ik weet dat ik moet toegeven dat afleiding niet altijd het beste is.
Dat afleiding mij uiteindelijk nergens brengt en dat het misschien een wazige vorm van geluk oplevert.
Uiteindelijk is het niet het geluk wat ik zoek.
Het is een afleiding van het geluk dat ik niet ken.
Het is zoeken. Zoeken naar afleiding. Zoeken naar ongekende geluiden en gevoelens.
Het is zoeken naar de uiteindelijke weg die ik nu continu lijk te negeren.
Het is toch makkelijker. Makkelijker om op deze manier door te gaan.
C.

Plaats een reactie