Het duurde een jaar lang,
zelf meer ben ik bang.
Tot ik in de spiegel keek
Tot ik in de spiegel keek
en het zag.
De hele tijd leek het
of ik de waarheid sprak.
Denkende dat liegen niet iets is,
wat ik kan.
Ik zag de scherven niet eens liggen,
verstopt achter de spiegel.
Ik dacht dat het de spiegel niet was,
die gebroken op de grond lag.
Zelfs als ik een eenzame scherf zag,
was ik niet diegene die het veroorzaakt had.
Al had ik dat wel.
Besef ik nu.
Kijkende in de spiegel.
De situatie totaal verkeerd beoordeeld.
Alles voor de spiegel is volmaakt.
maar ver achterin liggen de stukken
verdeeld,
weet ik nu.
Mezelf bedriegen.
Over de gebroken spiegel.
Omdat ik bang ben om mijn echte spiegelbeeld
onder ogen te komen.
Hopende dat de stukken weg vliegen,
loop ik weer weg.
Weg van de gebroken spiegel.
Zodat ik kan wegdromen over een land zonder scherven
en
ik gewoon weer tegen mezelf kan liegen.
C.

Plaats een reactie