Ik ruik bloemen,
Overal.
In de lucht
In mijn kleding
Zonder kleding.
Ik staar voor me uit,
Overal.
Een eindeloze tijd besteding
Zonder verveling.
Ik denk niet na,
maar ook weer wel.
Ik weet niet waar ik sta.
Ik zit in de knel.
Wil ik dit, wil ik wat.
Die bloemen.
Ik durf het niet te benoemen.
Bang dat het nooit meer stopt.
Maar het stopt niet.
Het komt meestal terug in vlagen,
maar soms in hele dagen.
Ik wil de bloemen niet kwijt,
Al denk ik dat de geur fijner lijkt,
dan de werkelijkheid.
Misschien is die angst de reden
dat ik niet alles verlaat
om de geur achterna te gaan.
Daarom ben ik kwaad.
Ik kan mezelf niet laten gaan.
C.

Plaats een reactie